• 'Ons gaat het in ieder geval nog goed'. Een Nederlandse familie in Oost-Pruissen (1920-1946).

    Eigen foto

Nieuw boek Ingrid Hoogendijk

DRIEBERGEN Ingrid Hoogendijk kwam onlangs met het boek 'Ons gaat het in ieder geval nog goed.' De inwoonster van Driebergen onderzocht jarenlang aan de hand van overgeleverde brieven en documenten de geschiedenis van haar familieleden van vaderskant.

Anna Folman

De grootvader van Ingrid, Michiel Hoogendijk, emigreerde aan het begin van de jaren twintig van de vorige eeuw met zijn gezin naar het verre Oost-Pruisen. Er waren toen al vijf kinderen en in deze meest oostelijke provincie van Duitsland, gelegen tussen Polen en de Baltische Staten, zouden nog een jongen en een meisje worden geboren.

KLANTEN Michiel was een ondernemende man die net als zijn vader, die nog met lappen langs zijn klanten was gegaan, in stoffen handelde. Met de opbrengst van een wagonlading stoffen kon hij in 1922 in Oost-Pruisen Schakenhof kopen, een landgoed van 500 hectare waar hij het gemengde bedrijf met varkens, koeien en een stoeterij tot grote bloei bracht. Hoewel het leven goed was en de familie Hoogendijk genoot van het landleven, kregen ook zij te maken met de crisis die onder meer een gevolg was van het Verdrag van Versailles.

De opkomst van Hitler en het nationaalsocialisme veroorzaakte een tweespalt in de familie. Michiel die met zijn gezin steeds de Nederlandse nationaliteit had aangehouden, bleef zeer betrokken bij zijn vaderland terwijl met name zijn dochters werden beïnvloed door de nazipropaganda. Omdat Michiel moeilijkheden voorzag, stuurde hij aan het eind van de jaren dertig zijn oudste zoon Pieter naar Nederland om te studeren.

Uitgeverij Thomas Rap, 22,99 euro, ISBN: 9789400405356.