• Edith Hazelzet
  • Maxime le Cotey kijkt toe tijdens de tv-opnames bij ‘De Tijdlijn van Leersum’.

    Edith Hazelzet
  • Edith Hazelzet

Maarten van Rossem bij 'De Tijdlijn'

LEERSUM/AMERONGEN De Tijdlijnexpositie over Indische repatrianten in Leersum en Amerongen blijft de aandacht trekken en zorgt daarnaast ook voor bijzondere ontmoetingen. Afgelopen vrijdag was historicus Maarten van Rossem in De Binder om opnames te maken voor zijn programma 'Van Rossem vertelt'. In zijn kielzog kwam mee stagiair bij de lokale omroep, Maxime le Cotey, zelf van Indische afkomst.

Edith Hazelzet

Na een voorgesprek beneden in De Binder, met Tijdlijnbeheerder Jos Rams, en Hans van Cappelle en Armand Mensingh als ervaringsdeskundige repatrianten, ging de filmploeg met Van Rossem naar boven. In een ontspannen sfeer werden Van Cappelle en Mensingh ondervraagd over hun herinneringen aan Nederlands-Indië, de reis naar Nederland en de ervaringen in Leersum als repatriantenkind.

Alhoewel zijzelf hier een prima leven hadden, benadrukte Van Cappelle in het interview de pijn van de gedwongen migratie bij de ouderen: ,,Zij lieten alles achter: hun familie, vrienden, hun huis, werk en sociale status. En velen waren nog 15 tot 20 jaar bezig met afbetalen van de reis en huisvesting."

De integratie in Nederland verliep ogenschijnlijk vlekkeloos. ,,De meeste repatrianten spraken de taal al, en waren bekend met de normen, waarden en gebruiken. Sinterklaas bijvoorbeeld werd in Nederlands-Indië ook gevierd." Toch was er veel verborgen leed, Mensingh beschreef het zo: ,,Het was eigenlijk een amputatie, we zitten nog steeds met de fantoompijn."

'LEUK' Op zijn bekende onderkoelde manier prees Van Rossem de expositie: ,,Het is leuk bij elkaar gezet. Allemaal dingen die je normaal niet ziet. Van mij hadden er alleen meer schoolplaten mogen hangen." Dat liet Rams zich geen twee keer zeggen; hij trok een stapel prachtige platen over het wonen en werken in Nederlands-Indië tevoorschijn.

Na de opnamen bij 'De Tijdlijn' ging het gezelschap naar 'Nieuw Wildenburg' om daar de huisjes te filmen waar de repatrianten waren ondergebracht. De uitzending van 'Van Rossem vertelt' is op 31 oktober.

IDENTITEIT Stagiair Maxime le Cotey had speciaal gevraagd of ze aanwezig mocht zijn bij de opnamen. In het voorgesprek gaf ze aan waarom: ,,Het doet me heel veel om hier vanmiddag te zijn. Zelf ben ik al een tijdje bezig met de vraag wie ik ben, wat mijn identiteit is. Ik ben een mix van zoveel culturen."

De moeder van Maxime is van Indische, Franse en Nederlandse afkomst, en haar vader is Duits-Nederlands. Maxime fotografeert gretig titels van een aantal geëxposeerde boeken over Indische onderwerpen. Ze is van plan meer te weten te komen over het verleden van haar familie, en speelt met de gedachte een podcast te maken over in hoeverre het deels 'Indisch zijn' je identiteit bepaalt.

BLIJ ,,Op mijn twaalfde ging ik voor het eerst naar Indonesië. Het was heel bijzonder om ineens omringd te zijn door mensen die op je lijken. Om overal het eten van je oma te kunnen eten." Haar vader deed al een poging om meer over de familiegeschiedenis boven tafel te krijgen. ,,Mijn opa was heel jong toen hij als KNIL-militair werd uitgezonden. Bij terugkomst werden die 18-jarige jongens beschouwd als oorlogsmisdadigers, terwijl ze allang blij waren dat ze de oorlog en malaria hadden overleefd."

Maximes vader spoorde mannen uit zijn vaders legeronderdeel op. ,,Hij heeft hen gevraagd hoe het toen was, wat ze hebben meegemaakt. Hij kreeg allerlei voorwerpen zoals insignes van hen." Zijn belangstelling werd erg gewaardeerd. ,,Ze zeiden tegen hem: Bij onze kinderen kunnen we dit niet kwijt, wat fijn dat jij interesse hebt." Maxime en vele andere bezoekers zijn blij met de expositie.