• Balt van Raamsdonk met materialen waaronder de tastkast, waarmee kinderen een andere leesstart kunnen maken.

    Edith Hazelzet

'Dyslexie kan voorkomen worden'

LEERSUM Wanneer kinderen op een andere manier het lezen wordt bijgebracht, reduceer je de kans dat zij dyslexie ontwikkelen. Balt van Raamsdonk (82 jaar) uit Leersum, die zelf in hoge mate dyslectisch is, deed de afgelopen decennia onderzoek naar dyslexie en ontwikkelde een nieuwe manier om kinderen te leren lezen.

Edith Hazelzet

Nu zijn pre-leesmethode Alfa-bedding af is, zoekt hij naar mogelijkheden om het product zo snel mogelijk in te voeren in het reguliere basisonderwijs.

,,Er mankeert niets aan kinderen met dyslexie, maar er mankeert iets aan het leesonderwijs. Iedere traditionele wijze van leren lezen is voor een dyslectisch geaard kind dyslexiebevorderend", stelt Balt van Raamsdonk, na vele jaren van studie naar de oorzaken van, en de oplossingen voor, dyslexie.

Sinds zijn pensionering stortte Van Raamsdonk zich fulltime op het onderwerp en kwam tot inzichten die enkele gevestigde wetenschappers op dit vakgebied versteld deden staan. Zelf heeft hij zijn leven lang ervaren welke beperkingen het hebben van dyslexie met zich mee kan brengen. ,,Met mijn leerplan wil ik voorkomen dat mensen door dyslexie hun hele leven moeten functioneren onder hun potentieel intellectuele niveau. Na het verkopen van mijn bedrijf, had ik de tijd om eens diep na te denken: Wat is dit nu, die dyslexie? Denken en spreken waren voor mij nooit een probleem, maar dat lezen en spellen heeft nooit gelopen." Van Raamsdonk bestudeerde vakliteratuur op het gebied van taalkunde, hersenonderzoek en filosofie, en ontwikkelde zich zo tot expert. ,,Vele dyslectici leggen zich neer bij hun probleem. Het wordt als lastig ervaren en als kind loop je meteen met alles achter. Ik ben zo objectief mogelijk gaan onderzoeken wat ik nu eigenlijk precies doe als ik lees. Ook het feit dat wij een bijna dove dochter hebben opgevoed, en ondervonden hebben hoe haar taalontwikkeling verliep, heeft zeker bijgedragen aan mijn begrip van de materie."

 

VISIE Van Raamsdonk probeert de theorie achter zijn visie zo eenvoudig mogelijk uit te leggen: ,,Lezen gaat over zichtbaar gemaakte taal. En met die zichtbare beelden had ik problemen - niet omdat ik iets aan mijn ogen mankeer, maar wat ik niet herken, kan ik immers niet benoemen. Ik zag slechts rijtjes letters en slaagde er niet in daarbij een betekenisvolle samenhang te ervaren. Ik was niet in staat om in eerste instantie letterbeelden en later woordbeelden in een oogopslag te identificeren met hun klank en betekenis waardoor ik ze niet direct leerde benoemen. Ik noem dit een optisch identificatietekort. Vroeger noemde men dyslectici 'woordblind' wat geheel bij mijn ervaring aansluit.''

Het pre-leescurriculum dat Van Ramsdonk ontwikkelde stoelt op herkennend leren lezen en optisch leren spellen. ,,Bij woordbeelden wordt direct de betekenis ervaren zoals dat bij hoorbare taal ook het geval is. Pas als een kind een woordbeeld in het hoofd heeft kunnen maken, mag het aan de slag met letters. Omdat het woord al bekend is, zijn ook de klanken bekend." Zo wordt het probleem van de klank-tekenkoppeling weggelaten, waar de gangbare leesmethodes mee beginnen en waar vele kinderen met aanleg voor dyslexie op stuklopen.

 

METHODE In tegenstelling tot de complexe achtergrond van slecht lezen en spellen, is de oplossing van het probleem vrij eenvoudig volgens Van Raamsdonk. In zeven stappen bereidt hij met Alfa-bedding kinderen voor op het leren lezen. Eerst leren de leerlingen met speciale oefeningen de letters naar de vorm en positie herkennen en pas daarna benoemen, eventueel met behulp van een tastkast en tastbare letters. Vervolgens krijgen ze korte woordbeelden te zien die ze met specifieke oefeningen, ook weer door te vergelijken naar de uiterlijke vorm, eerst leren herkennen en vervolgens aan de hand van plaatjes leren benoemen.

Het leren spellen gaat als volgt. Van Raamsdonk:,,Stel je het woordje 'vis' voor, kijk naar je innerlijke voorstelling; hoeveel letters zie je? Welke letter zie je vooraan staan, welke achteraan, welke letter(s) zie je nog meer? Met het oefenen van optische vaardigheden wordt het letter-klankkoppelen, waarmee alle problemen voor in aanleg zwakke lezers beginnen, vermeden." Door op deze manier met leerlingen van eind groep twee, begin groep drie aan de slag te gaan, wordt bij een groot aantal kinderen met een dyslectische aanleg, voorkomen dat zij dyslexie ontwikkelen. Van Raamsdonk heeft zijn methode een aantal jaren getest op basisschool De Ladder in Maarn. En met succes. Na deze andere leesstart konden de leerlingen aansluiten bij de leesmethode van de school. Ook vluchtelingen bleken zich veel sneller onze taal eigen te maken door met Alfa-bedding te werken.

 

HULP GEZOCHT Gedurende zijn zoektocht en bij zijn lezingen en publicaties over het onderwerp is hij altijd ondersteund door zijn vrouw, Hansje van Raamsdonk. Dat kon ook niet anders: ,,Ik lees erg traag. Samen bediscussieerden we mijn ideeën, en Hansje verwoordde uiteindelijk alles tot toegankelijke teksten." Nu zoekt het echtpaar versterking van de gelederen: ,,Ik heb ontdekt waardoor het ontstaat, maar de grote barrière is nu: hoe krijg je het bij de scholen? Gezien onze leeftijd kunnen we niet alles meer zelf doen. We zoeken mensen die ons kunnen steunen en helpen, het liefst met affiniteit met dyslexie. Die bijvoorbeeld een website kunnen onderhouden, artikelen willen schrijven, eventueel fondsen werven, om zo meer bekendheid te geven aan ons werk."

Zelf onderhoudt Van Raamsdonk contacten met universiteiten en de vaste kamercommissie voor onderwijs in de hoop dat er binnen afzienbare tijd studenten zullen afstuderen op het onderwerp. ,,Een promotieplaats zou helemaal geweldig zijn." Maar het liefst zou hij gewoon weer bezig zijn met de leerlingen.

Wie contact wil opnemen met Balt van Raamsdonk, doet dat vanwege zijn dyslexie, bij voorkeur telefonisch: 0343-451921.

Bronnen: publicaties Balt van Raamsdonk, Tijdschrift voor Remedial Teachers, nr.3 jrg.18 sept. 2010 en het tijdschrift 'Woortblind', nr. 1, 2013.