• Wimco in 't Veld

'Ineens was ik de paria van het dorp'

DOORN Stomerijeigenaar Thomas van Boordt heeft zijn omzet tijdens de commotie rondom de ernstige bodemvervuiling in de Doorn met 30 à 40 procent zien kelderen. Maar nog erger vindt hij de schade aan zijn reputatie. ,,Na jaren dienstverlening word je ineens de paria van het dorp. In de beeldvorming was ik de grote milieuvervuiler die eigenhandig grote hoeveelheden PER in de grond heeft gestopt."

Wimco in 't Veld

Hoeveel ook over de verontreiniging is bericht, zelf heeft de 77-jarige Ameronger gedurende de affaire vrijwel geen contact gehad met de media. Mede op advies van zijn jurist. Nu het Openbaar Ministerie concludeert dat hij geen milieudelict heeft gepleegd, acht hij de tijd rijp om te praten.

GROTE SCHAAL De vervuiling aan de Acacialaan staat niet op zichzelf, stelt hij. In heel Nederland zijn minstens zo'n driehonderd PER-vervuilingen. Stomerijen gebruikten PER (tetrachlooretheen) op grote schaal, omdat het zo goed ontvet. Hoewel Van Boordt onlangs is overgestapt op een andere reinigingsmethode, mag het giftige middel nog steeds gebruikt worden.

STRENGER De regels voor het gebruik van PER zijn de afgelopen decennia veel strenger geworden. Maar inmiddels zijn er grote hoeveelheden in de bodem terechtgekomen. Wanneer dat vóór 1987 is gebeurd, is dat een stomerij wettelijk niet aan te rekenen. In dat jaar ging de Wet Bodembescherming in. De maatschappij keek toen anders tegen het milieu en het gebruik van chemische stoffen aan. ,,Vóór die tijd bestonden er geen milieurichtlijnen voor de bodem", stelt Van Boordt."

SCHROBPUTJE In 1977 opende hij zowel in Doorn als in Driebergen een snelstomerij. ,,We werkten toen met machines die PER gebruikten. Die machines lekten soms PER. Daarom stond er een lekbakje onder, maar dat stroomde soms over of het viel ernaast op de stenen vloer. Dan boende je dat weg in het schrobputje. Zo gebeurde dat in heel Nederland."

,,Dat schrobputje kwam uit op een zinkput, een septic tank zonder bodem. Dus feitelijk een gat in de grond. Dat wist niemand, die zinkput zit er al vanaf 1910 en werd pas na uitgebreid onderzoek door het OM en de overheid opgegraven. Doordat er nog eens een kier zat in de riolering, was in Doorn het milieuprobleem veel groter dan bij de meeste andere stomerijen."

VOORLOPER Hij geeft daarmee toe dat de stomerij verantwoordelijk is voor de PER-vervuiling, maar dat die dateert uit een periode voordat daarvoor wettelijke regels bestonden. Ook heeft hij of één van zijn medewerkers nooit willens en wetens chemische middelen in de grond gedumpt. Van Boordt zegt juist één van de voorlopers te zijn als het gaat om milieubewust werken met PER. ,,Ergens in '82-'83 kwam TNO met een onderzoek. Daaruit werd mij duidelijk: er komt voor de stomerijbranche een probleem aan met PER."

VUILNISZAK Van Boordt besloot toen om het PER-afval niet langer met de rest van het huisvuil in een vuilniszak aan te straat te zetten, zoals toen nog de gewoonte was. Hij verzamelde het spul in grote vaten, die hij apart liet afvoeren. In 1989 verving hij uit eigen beweging zijn oude chemische reinigingsmachine. Het nieuwe apparaat - dat 80.000 gulden kostte - gebruikte nog wel PER, maar morsen was verleden tijd.

PROBLEEM Inmiddels had hij sterke vermoedens dat de grond onder en rond zijn Doornse bedrijf vervuild was. Een overnamekandidaat haakte na een bodemonderzoek af. ,,Ze vertelden mij dat er een geringe vervuiling was, maar ik vraag me nu af of dat onderzoek wel zorgvuldig gedaan was. In ieder geval zat ik met een probleem, maar ik wist niet wat voor actie ik moest ondernemen. Wat kon ik in mijn eentje doen? De overheid had daarvoor geen beleid."

In de jaren negentig begon dat te veranderen. De provincie nodigde in 1999 een aantal Utrechtse stomerijen uit om bodemonderzoek te doen tegen subsidiëring van 50 procent van de kosten. Van Boordt was één van degenen die daarop inging. In 2005 nam het Rijk de regie over. Het ministerie van VROM richtte met brancheorganisatie Netex de stichting Bosatex op, wat staat voor BodemSanering Textielreiniging. Deze organisatie, bekostigd door het Rijk droeg de grootste kosten voor bodemonderzoek en -sanering. Ongeveer 280 stomerijen meldden zich aan, waaronder Van Boordt.

DRINKWATER Tussen 2008 en 2011 heeft de stichting zich bezig gehouden met een onderzoeksstrategie en de prioritering van de aangemelde bedrijven. In 2012 en 2013 liet Bosatex ter voorbereiding op de sanering onderzoeken verrichten. In 2014 barstte, zoals Van Boordt dat noemt, de 'hype' los. Zeker toen in september bleek dat de PER-concentratie in het drinkwater aan de Acacialaan ver boven het maximum zat, stak een storm aan publieke onrust en verontwaardiging op. Enkele gezinnen moesten hun huizen verlaten. Enkele maanden later adviseerde de GGD ook de huursters boven de stomerij te verhuizen vanwege de PER in de lucht.

,,Ik was voor iedereen een verdachte, een milieucrimineel. Dat begreep ik. Mensen baseren zich ook alleen maar op de berichtgeving in de media. Ik hoop dat nu, na alle onderzoeken van OM en overheid waarin niets strafbaars is gevonden, dat de beeldvorming weer beter wordt. En dat de klanten weer terugkeren."

Fotobijschrift: Stomerijeigenaar Thomas van Boordt: ,,Ik was voor iedereen een verdachte, een milieucrimineel."