• De brede sporen van de harvesters en veel resthout; het is een 'takkenbende' in het bos vinden velen.

    Edith Hazelzet

Houtoogst blijft omstreden in Leersum

LEERSUM De uitleg van Staatsbosbeheer over de omvangrijke kap in de bossen direct grenzend aan Leersum-Noord, wordt nog steeds niet geaccepteerd door vele inwoners van het dorp. De kritiek op de houtoogst in kranten en op social media, wordt gedeeld door Stichting SparrenRijk, die ruim tien jaar geleden ontstond uit onvrede over het bosbeleid op de Utrechtse Heuvelrug.

Edith Hazelzet

Onlangs lichtte Corien Koreman, boswachter publieksvoorlichting, het beleid van Staatsbosbeheer toe bij 'Achter De Kaap'. Zo'n 25 mensen luisterden naar haar uitleg over de waarde van de houtoogst voor de toekomst van het bos: meer open plekken geven verjonging, het resthout zorgt voor biodiversiteit en nestgelegenheid en beschutting voor dieren. Koreman stelde dat de houtoogst dit jaar niet omvangrijker was dan normaal, dat de reeën er prima mee om kunnen gaan, en toonde begrip voor de emoties die de kap teweegbracht bij de dorpsbewoners.

IN DE MEDIA AD Utrecht plaatste net als Nieuwsblad De Kaap een ingezonden brief van Leersumer Caro van den Berg, die geen spaan heel liet van het beleid van Staatsbosbeheer. In een online enquête werd haar standpunt gesteund door een paar honderd lezers. Er volgden aanvullende ingezonden brieven. Koreman kreeg vervolgens in AD Utrecht de gelegenheid om haar verhaal nog eens te vertellen.

NIET OP DE HOOGTE Gerard Stam, secretaris van Stichting SparrenRijk en woonachtig in Leersum, ziet de gevolgen van de kap dagelijks wanneer hij er met zijn hond in het bos wandelt. ,,Hoe de oogst dit jaar is gegaan is niet volgens de afspraak. Wij zijn al jaren een serieuze gesprekspartner van Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten en Utrechts Landschap. Normaal gesproken kijken we voorafgaand aan ingrijpende maatregelen in het bos met de boswachter ter plekke wat er gaat gebeuren, waarom en wanneer. Regelmatig wordt er dan op ons aangeven iets aangepast. Of Koreman niet op de hoogte is van de afspraak die we hierover hadden met haar voorgangster, weten we niet. Een verzonden mailtje van een collega over de houtoogst hebben we niet ontvangen." Natuurlijk zag het bestuur van de stichting in de winter de gebleste bomen. ,,Maar we gaan niet van de paden af, en hoe omvangrijk deze houtoogst is geweest, heeft ons volledig verrast. Dit hebben we nog nooit gezien."

TE LAAT Stam beschrijft de toestand: ,,Paadjes van voorheen een man met hond ernaast, zijn nu zes meter breed. Om de paar meter zijn - aan beide zijden - uitrijpaden van de harvesters, die de ondergrond en omgeving aan gort hebben gereden. De paden worden nu hersteld, maar de intimiteit van het bos is weg. De hoeveelheid resthout, die niet opgeruimd wordt, is immens. Hoe dit moet verteren en hoe een ree zich hier nog kan voortbewegen, ik vraag het me af. Ik zie sowieso geen reeën meer."

Hij voegt toe: ,,Begrijp me goed: we zijn niet tegen open plekken in het bos, maar deze zijn groter dan een halve hectare en vol rotzooi. De financiële drijfveer om te oogsten is voor Staatsbosbeheer groter geworden doordat zeventig procent aan overheidssubsidies is weggevallen. Wat ons ook stoort is dat het beleid iedere keer lijkt te wijzigen met de mensen die er op dat moment werken. Een langetermijnvisie ontbreekt, en natuurbeheer lijkt verworden tot bosexploitatie."

Op 25 april gaat de stichting alsnog het bos in met Koreman en een collega om hun kritiek met hen te delen: ,,Maar ja, het is natuurlijk te laat. We blijven erbij dat de houtoogst op deze plek veel te rigoureus is geweest. Als je nu in het bos bent, is het geen fijne belevenis meer."